Autoloos

Het is weer zover, de jaarlijks terugkerende autoloze, eigenlijk autoluwe, dag in Mechelen.
En naar eveneens jaarlijkse traditie is dat in mijn wijk een zeer relatief begrip.

Je kind laten spelen op straat is misschien een goed idee als je gezinsinkrimping overweegt maar anders best de leiband aanhouden.

Uiteraard passeren de BMW’s en witte bestelwagens het meest maar ook de Vlaamse Jan Modaal met de Citroën Berlingo snort rustig voorbij.

Er schort volgens mij enerzijds iets aan de communicatie van onze stad maar anderzijds ook echt wel iets aan onze maatschappij.

Ja, er zijn redelijk wat niet uit 100% Vlaamse klei getrokken bestuurders bij, mensen zoals mijn overbuurman. Een huidskleur die minstens 50 tinten donkerder is dan de mijne.
De man woont al een aantal jaren in onze stad, is een zeer sociale en aangename buur, altijd bereid tot een gezellige babbel.
Een babbel waarbij hij z’n best doet om zich in het Nederlands uit te drukken maar waar we meestal vrij vlug overschakelen in het Frans en Engels.
Hij wil wel, graag zelfs, maar hij heeft het Nederlands uiteindelijk zo weinig nodig dat het leren wel een langdurend proces wordt.
De man wil het niet gezegd hebben maar zijn afkomst en huidskleur maken het hem echt niet makkelijk op de Mechelse arbeidsmarkt ook al is hij een gediplomeerd leraar Engels in wat ooit z’n thuisland was maar nu een door oorlog verscheurde schurkenstaat.

In het Mechelse heeft hij een paar onzekere interimjobs gehad, in het Brusselse werkt hij nu vast als bediende.
Voertaal uiteraard Frans maar net z’n diploma en kennis van het Engels maken hem geknipt voor zijn job.
Mechelen is echter voor hem echter met voorsprong verkozen als aangename stad om te wonen en z’n kinderen te laten opgroeien.
Zijn echtgenote vindt het niet erg om als poetsdame de kost te verdienen en zo leeft dit gezinnetje gelukkig in hun aangekochte woning, eentje waar ze beiden de knepen van het renovatievak tot in de kleinste finesses aan het doorgronden zijn.

Maar het Nederlands hebben ze daar dus niet nodig, de vrouw des huizes doet trouwens ook haar best .

En hun geliefde stad, die stuurt dan een brief naar alle bewoners, redelijk lang, niet echt simpel en in een enveloppe.
En uiteraard, dank U nva en Co., uitsluitend in het Vlaamsch, een marginale taal op wereldniveau maar het summum voor de navelstaarders die velen zijn.
En dus gaat deze communicatie de mist in en kreeg mijn buurman een boete toen hij aan een controlepunt kwam aan de rand, toen hij dus de stad uit was.

Zijn schuld?
Neen, de man doet zijn best maar de communicatie van de stad is niet simpel en opvallend genoeg verspreid naar z’n bewoners.
Uiteraard mag dat enkel in het Nederlands al zou het getuigen van respect voor alle aanwezigen in de stad om dit ook in het Frans en Engels te doen.
Maar daarnaast kunnen een goed grafisch ontwerp en een zo simpel mogelijke frasering al heel wat duidelijker kunnen maken voor zij die onze schone taal nog niet helemaal doorgronden.
Trouwens ook voor zij die de taal wel goed machtig zijn maar brieven lezen al snel klasseren als niet voor mij.

En zo beland ik bij de Berlingo’s, deels pure egoïsten en die mogen van mij een serieuze boete krijgen maar anderzijds ook veel mensen die echt niet meer betrokken zijn bij de wereld rond hen zoals die werkelijk is maar leven in een soort virtuele maatschappij gevormd door informatiekanalen die niet meteen uitblinken in het correct informeren van de mensen.
En ja dan zie ik spontaan een Van Thillo op m’n netvlies verschijnen.

Daar schort het volgens mij nogal, het ik gevoel en het zich niet betrokken voelen bij de echte directe omgeving.
Het negatieve overheerst zo vaak in de hoofden van deze mede Mechelaars dat wat de stad, overheid, ….. ook doet dit steeds als niet voor hen wordt gecatalogeerd en dus als last gepercipieerd.

Jammer, doodjammer zelfs want het zou allemaal zoveel aangenamer kunnen zijn, ook voor deze vleesgeworden klaagmuren.
En voor het kind dat net bijna werd opgeschept door een Berlingo op speed..

Mijn buurman?
Die schaamt zich dat hij met de wagen reed want hij is verder in alles zowat het tegenovergestelde dan de Berlingo .